Huisvestingskosten

De huisvestingskosten worden jaarlijks vastgesteld. Om de bijdrage in de huisvestingskosten te kunnen vaststellen, wordt het verzamelinkomen van zowel de vader als de moeder van de leerling bij elkaar opgeteld. Het gevonden totaalbedrag vormt de basisvoor het berekenen van de huisvestingskosten. Als onderbouwend document geldt een uitdraai van de belastingaangifte óf de definitieve aanslag van de Belastingdienst van 2 kalenderjaren terug. Wanneer de gevraagde inkomensgegevens niet tijdig door de administratie worden ontvangen, zal een bijdrage in de hoogste schaal worden vastgesteld.

De factuur van de huisvestingskosten wordt gestuurd naar de ouder waar het kind woont. Bij gescheiden ouders wordt een kopie van de factuur verzonden aan de andere ouder. Ouders moeten onderling zelf de betaling van de huisvestingskosten regelen. Beide ouders kunnen inloggen in Schoolloket en zo hun eigen deel betalen. Het is hierbij van belang dat de school beschikt over juiste e-mailadressen.

Als beide ouders het gezag hebben, dienen zij beiden de inkomensgegevens te overleggen. Als na een echtscheiding of ontbinding van een geregistreerd partnerschap kan worden aangetoond (middels een kopie van het convenant of een uittreksel uit het gezagsregister) dat slechts een ouder is belast met het gezag, zal alleen die ouder worden aangeschreven voor de kosten.

Voor meer informatie over de regelingen inzake kinderalimentatie verwijzen wij naar de website van de Rijksoverheid

Dubbele kinderbijslag

Vanaf het eerste jaar mag het en vanaf het derde jaar wonen leerlingen van het uitstroomprofiel verplicht op de Huisvesting. Dit doen we om de leerlingen te laten wennen aan het wonen en leren met elkaar en het langer van huis zijn, net zoals op een schip.
Ouders die uitwonende kinderen hebben die elders een opleiding volgen hebben recht op dubbele kinderbijslag.

Meer informatie vindt u op de website van het SVB